Paradijs of hel? Waar ging Jezus heen na zijn dood?

vraag:

In de dienst op Goede Vrijdag kwamen twee dingen bij elkaar. We lazen in Lukas 23:43 dat Jezus aan het kruis tegen de moordenaar naast zich zegt: ‘Nog vandaag zul je met mij in het paradijs zijn’. En in dezelfde dienst werd de Apostolische Geloofsbelijdenis voorgelezen, waarin staat dat Jezus ‘is gekruisigd, gestorven, begraven, neergedaald in de hel’. Dat roept de vraag of: ging Jezus na zijn sterven aan het kruis nu naar het paradijs of naar de hel?

reactie:

Mooie vraag! Zo klinkt het inderdaad wel als een bijzondere tegenstelling. Waar ging Jezus heen? Laten we beide uitspraken eens bekijken:

‘Neergedaald in de hel’.

Deze uitspraak komt in de Bijbel niet voor. Het is een interpretatie van 1 Petrus 3:19, maar die tekst geeft dit niet heel duidelijk aan. Waarom deze woorden een plek hebben gekregen in de Apostolische Geloofsbelijdenis, is niet helemaal duidelijk.

Er zijn een paar interpretaties van wat het zou kunnen betekenen:

  • De Rooms-Katholieke uitleg: Jezus is na zijn sterven afgedaan in het dodenrijk om daar de zielen van de oudtestamentische gelovigen te bevrijden.
  • De Lutherse uitleg: Jezus is na zijn begrafenis naar de hel gegaan en heeft daar de duivel zijn macht ontnomen.
  • De Gereformeerde uitleg: ‘de hel’ is geen concrete plek waar Jezus heengegaan is. Het is een typering van de angst en godverlatendheid die Jezus heeft ervaren. Het lijden en sterven van Jezus was ‘hels’.

Nog vandaag in het paradijs

‘Het paradijs’ is hier een andere aanduiding van ‘Gods koninkrijk’, waar de moordenaar naar vraagt (23:42). Dat Jezus dit vervangt door ‘het paradijs’ betekent voor de moordenaar een diepe troost: na zijn dood zal hij – met vergeving voor zijn moord en andere zonden – in nieuwe onschuld en vreugde voortleven bij God, samen met Jezus. Dit geldt direct vanaf zijn dood (‘vandaag nog’), ook al betreft dit nog niet zijn lichaam dat pas weer zal opstaan bij de wederkomst van Jezus.

Ook Paulus spreekt hiervan, bijvoorbeeld in Filippenzen 1:23: ‘Als ik sterf zal ik met Christus zijn’. In Lukas 16:22 laat Jezus er trouwens ook iets van zien door in een gelijkenis te vertellen dat de arme Lazarus ‘door engelen werd weggedragen om te rusten aan Abrahams hart’.

Er is wel geprobeerd om ‘vandaag’ op te vatten als: ‘Ik zeg u vandaag: U zult met mij in het paradijs zijn’. Dan is er ruimte om ‘het paradijs’ op te vatten als de nieuwe aarde in de toekomst. Deze opvatting is vanuit de grondtekst niet zo sterk. Het woord van Jezus krijgt nog meer kracht als je bedenkt dat dit door de ene gekruisigde tegen de andere wordt gezegd: ‘Vandaag nog zul je met mij in het paradijs zijn!’

Over beide uitdrukkingen bestaan dus veel verschillende meningen. Voor mezelf houd ik het erop dat Jezus aan het kruis ‘de hel’ heeft ervaren in het oordeel van God en dat Hij na zijn dood ‘het paradijs’ is binnengegaan, terwijl zijn lichaam nog in het graf lag. Ik schrijf dit met enige schroom. Zo letterlijk staat het allemaal niet in de Bijbel en wij gebruiken ons beperkte en menselijk voorstellingsvermogen om er iets over te zeggen.

Genesis 3 – Ondanks alle ellende…

Schildwolde, 9 oktober 2022. Preek over Genesis 3. Thema: Ondanks alle ellende… [serie leven op aarde – 3] klik hier:

Genesis 2 – Het goede leven

Neede, 25 september 2022. Preek over Genesis 2:4-25. Thema: Het goede leven. [serie: Leven op aarde – 2]. klik hier:

Sabbat en huwelijk als ‘bloemen uit het paradijs’?

Vraag:

In je preek noemde je sabbat en huwelijk de meegegeven ‘bloemen uit het paradijs’. Zou je kunnen uitleggen wat je daarmee precies bedoelt? En wat dat betekent voor hoe wij met huwelijk en sabbat moeten omgaan?

Reactie:

Het beeld van ‘bloemen uit het paradijs’ kwam ik tegen bij een schriftuitlegger. Het sprak mij erg aan. Sabbat en huwelijk zijn twee ‘structuren’ die God vanuit het paradijs heeft meegegeven aan de mens. Beide structuren zijn geen ingeschapen natuurkundige of biologische wetten (zoals bijvoorbeeld zwaartekracht of seksualiteit), maar bewuste instellingen van God, bedoeld voor het leven.

God stelde in het paradijs de rustdag in: ‘God zegende de zevende dag en verklaarde die heilig’ (Gen.2:3). Later wordt de sabbat in de Bijbel vaak gemotiveerd vanuit de schepping (Ex.20:11; 31:16; Mark.2:27; Heb.4:4).

God stelde in het paradijs het huwelijk in: ‘God, de HEER, dacht: Het is niet goed dat de mens alleen is, ik zal een helper maken die bij hem past’ (Gen.2:18) ‘Zo komt het dat een man zich losmaakt van zijn vader en moeder en zich hecht aan zijn vrouw, met wie hij één van lichaam wordt’ (Gen.2:24). Ook het huwelijk wordt later in de Bijbel gemotiveerd vanuit deze goddelijke instelling (Mat.19:4-6; 1 Kor.6:16; 11:12; Ef.5:31; Heb.13:4).

Sabbat en huwelijk zijn sociale ordeningen die al in het paradijs door God zijn aangebracht. Ze zijn ook direct verbonden aan het verbond tussen God en mensen. De sabbat als viering van dat verbond, het huwelijk als beeld van dat verbond. Na de zondeval zijn ze meegegeven aan de mens. Vandaar de beeldspraak van ‘bloemen uit het paradijs’.

Aan ons de taak om na te denken hoe die structuren bedoeld zijn, hoe ze zich ontwikkeld hebben (van sabbat naar zondag bijvoorbeeld), welk doel ze dienen en hoe we ermee omgaan in een gebroken wereld en in de gemeente van Christus. Zowel op het punt van sabbat als van huwelijk is veel discussie in de kerk en in de maatschappij. Als ik wat vragen noem over het huwelijk: Wanneer is een huwelijk een huwelijk? Hoe ligt dat bij mensen van hetzelfde geslacht? Is samenwonen van dezelfde orde als een huwelijk? Hoe moet je aankijken tegen echtscheiding?

Het omgaan met dit soort vragen vraagt om studie, gebed, zorgvuldigheid en gesprek. Je bent er niet met een simpele uitspraak dat we de situatie in het paradijs moeten nastreven. Daarmee doe je geen recht aan het onderwijs in de Bijbel en ook niet aan de realiteit vandaag. Dit is niet te plek om daar meningen over te geven, als ik die al zou hebben. Waar het mij om gaat, is dat we er – ondanks alle discussie en variatie – oog voor blijven houden dat sabbat en huwelijk echt ‘bloemen uit het paradijs’ zijn: structuren die we van God hebben meegekregen, die aan je levenspraktijk de kleur van God geven. Aan ieder de opdracht om er een goede invulling aan te geven die tot zegen is voor jezelf en voor anderen.